ENGLISH Français



|
Geweld tegen homoseksuelen
Landelijk onderzoek 'Geweld tegen homoseksuelen' van Programma Politie en Wetenschap, 16 maart 2006 Enquête onder homoseksuelen en lesbische vrouwen. Van de 3000 verzonden enquêtes, werden 776 beantwoord. Daarnaast werden bij vijftien mensen diepteinterviews afgenomen. Toename geweld tegen homoseksuelen?
Bijna driekwart van de ondervraagden meent dat het geweld de laatste jaren sterk (11%) of enigszins (60%) is toegenomen. Driekwart van de mensen baseert dit op berichten uit de media. 17% baseert het op eigen ervaringen. Om met zekerheid te kunnen zeggen of het geweld toeneemt, is een meerjarig onderzoek nodig. Gevoel van onveiligheid
Een op de vijf homoseksuelen en lesbische vrouwen voelen zich soms (17%) of zelfs vaak (2%) onveilig als gevolg van hun homoseksualiteit. Vrouwen (23%) voelen zich vaker onveilig dan mannen (16%). Slechts eenderde van de ondervraagden voelt zich nooit onveilig vanwege de seksuele geaardheid. Mensen voelen zich het meest onveilig in grote steden. Vooral Amsterdam wordt genoemd als een stad waar de veiligheid achteruit is gegaan. Onveiligheidsgevoelens komen het meeste voor bij het uitgaan.Veertig procent is zich de laatste jaren onveiliger gaan voelen vanwege de homoseksualiteit (4% is zich de laatste jaren juist veiliger gaan voelen). Eenderde heeft zijn of haar gedrag aangepast om incidenten te voorkomen. Zij mijden bepaalde locaties zoals buurten of uitgaansgelegenheden en lopen op bepaalde plaatsen niet meer hand in hand met hun partner. Zij gaan zich minder opvallend gedragen zodat andere mensen hen op straat niet herkennen als homo of lesbisch. Uitgelachen, gepest, bedreiging en geweld
Meer dan de helft (55%) van de mensen is wel eens uitgelachen of uitgescholden vanwege zijn homoseksualiteit, en 17% wel eens gepest of getreiterd. Twaalf procent is ooit bedreigd met lichamelijk geweld, en ruim drie procent is vanwege zijn geaardheid mishandeld. Bij 79% van de incidenten is meer dan één dader betrokken, en bij driekwart zijn de daders mannen. Eenderde van de incidenten is gepleegd door daders die niet ouder zijn dan 17 jaar. Het gaat dan vooral om uitschelden en pesterijen. Bedreiging en mishandeling worden eerder gepleegd door oudere daders, tussen 18 en 30 jaar. Allochtonen en autochtonen
Bijna de helft (47%) van de incidenten wordt gepleegd door daders met een autochtoon uiterlijk. De andere helft (40%) door daders met een buitenlands uiterlijk. Het gaat dan veelal om Marokkanen (52 %) of een gemengde groep van Marokkanen en Turken (29%). Pesterijen en treiterijen vinden vaker op het werk of op school plaats, en bijna altijd gaat het om (autochtone) Nederlandse daders. Bedreiging en mishandeling is gerelateerd aan het uitgaan. Bij de zwaardere incidenten zoals bedreiging en geweld zijn relatief vaak daders van allochtone afkomst betrokken. Werk, school en woonomgeving
Bij ruim eenderde van de incidenten zijn de daders bekenden van het slachtoffer. Voor pesterijen ligt dit aandeel met ruim 83% veel hoger. Het betreft dan veelal collega’s van het werk (51%). Ruim 40% van de incidenten vindt plaats in het centrum van de stad, een vijfde in de eigen buurt, tien procent op het werk, en zes procent op school. Ook hier zijn pesterijen vaak gerelateerd aan het werk, school en woonomgeving. De ernstiger incidenten vinden vaker in het centrum en bij uitgaansgelegenheden plaats, ’s avonds en ’s nachts.
Over het algemeen doet men weinig (9%) aangifte van dergelijke incidenten. Alleen wanneer er sprake is van mishandeling en geweld doet een kleine meerderheid (61%) aangifte. Uit de diepteinterviews komt naar voren dat leerkrachten vaak te maken krijgen met pesterijen van leerlingen. Door de schoolleiding worden ze vaak niet gesteund wanneer zij te maken krijgen met agressieve leerlingen. Scholen vermijden vaak het onderwerp homoseksualiteit omdat zij bang zijn voor de reactie van leerlingen en hun ouders. Aanbevelingen op basis van dit onderzoek
1. Verbetering in de politieregistratie van antihomoseksueel geweld
2. Bijscholing van de politie ten behoeve van een betere registratie
3. De politie moet de slachtoffers beter op de hoogte houden van de afwikkeling van het onderzoek
4. Verhogen aangiftebereidheid van slachtoffers van homogeweld
5. Verbetering in de registratie van antihomoseksueel geweld door de anti-discriminatiebureaus.
6. Opstarten van een monitor antihomoseksueel geweld
7. Onderzoek naar tolerantie ten aanzien van homoseksualiteit onder jongeren.
8. Onderzoek naar (potentiële) daders van anti-homogeweld
9. Scholen en bedrijven moeten een duidelijk beleid voeren op het gebied van homoseksualiteit. Het volledige rapport is te vinden op:
Politie en Wetenschap (klik door op 'publicaties' en 'P&W verkenningen')
|
|